Hoogbegaafdheid

Hoogbegaafdheid is de aanleg om tot uitzonderlijke prestaties te komen. Hoogbegaafdheid is dus meer dan intelligentie, want dat is slechts de score uit een intelligentieonderzoek. Bij hoogbegaafden is sprake van een IQ boven de 130, dit is het geval bij circa 2,5% van de mensen. Naast een hoge intelligentie spelen ook persoonlijkheidsfactoren een rol, zoals creativiteit en doorzettingsvermogen. De sociale omgeving heeft grote invloed op de ontwikkeling van de hoogbegaafde, zowel in positief als in negatief opzicht.

De drie belangrijkste sociale omgevingen zijn school, ontwikkelingsgelijken en het gezin.

 

Als het gaat om kenmerken van hoogbegaafden, dan is er onderscheid tussen leervermogen en gedrag.

Leervermogen
Kenmerken met betrekking tot het leervermogen zijn:
• Hoge intelligentie;
• Snel van begrip;
• Grote algemene interesses;
• Taalvaardig;
• Hoog leertempo, grote denk- en leerstappen;
• Verworven kennis goed toepassen;
• Goed geheugen;
• Doorvrager en waarnemer;
• Groot analytisch inzicht en probleemoplossend vermogen;
• Creativiteit en originaliteit;
• Denkt buiten reguliere kaders.

Gedrag
Kenmerken met betrekking tot het gedrag zijn:
• Geestelijk vroegrijp (of wekken de indruk daarvan);
• Sterk rechtvaardigheidsgevoel;
• Perfectionistische instelling;
• In staat tot zelfreflectie;
• Zoekt ontwikkelingsgelijken in oudere kinderen;
• Accepteert regels en tradities niet klakkeloos, maar bevraagt ze;
• Grote behoefte aan autonomie.

 Gebieden

Hoogbegaafden vertonen uitzonderlijk gedrag of hebben de potentie om dit te doen op een van de volgende gebieden:
• Algemeen intellectueel vermogen;
• Specifiek academische aanleg;
• Creatief denken;
• Leiderschapstalent;
• Visuele of uitvoerende kunsten.

Intelligentie

De Amerikaanse onderzoeker Robert Sternberg onderscheidt drie aspecten van intelligentie:
• De analytische vaardigheden, de schoolvakken.
• De creatieve vaardigheden, de intrinsieke motivatie, flexibiliteit bij het verwerken van een problemen,        ongewone oplossingen bedenken en nieuwe verbanden leggen.
• De praktische vaardigheden, het denken op gang brengen, inzicht in zwakke en sterke kanten van jezelf      en anderen, samenwerken en effectief werken.

Om succesvol intelligent te zijn, moeten die vermogens alle drie gebruikt worden. Het is goed als hoogbegaafden zich bewust zijn van de sterke en zwakke punten, want dan kunnen ze de sterke kanten inzetten en de zwakke kanten ontwikkelen.

Hoogbegaafden denken en leren anders. Er zijn vijf manieren van denken die kenmerkend zijn voor hoogbegaafden:
• Topdown thinking: denken vanuit het grote geheel.
• Deep level learning: veel meer de diepte ingaan.
• Lateral thinking: problemen creatief benaderen en vanuit verschillende kanten oplossen.
• Visual thinking: beelddenken.
• Caring thinking: veel meer denken vanuit het hart en de persoonlijkheid.


Hoogsensitiviteit
Intensiteit, gevoeligheid, concentratie en volharding zijn bijna universele kenmerken van hoogbegaafdheid. De theorie van de Poolse psychiater Dabrowski heeft geleid tot beter begrip van de intensiteit bij hoogbegaafden. Zijn theorie stelt dat de overprikkelbaarheid op één of meer van de volgende vijf gebieden kan voorkomen:


• Intellectueel gebied. Dit kenmerkt zich door een grote nieuwsgierigheid, concentratie en het stellen van        diepgaande vragen. Zó veel vragen, dat dit voor volwassenen erg vermoeiend kan zijn.
• Op het gebied van de verbeeldingskracht. Dit kenmerkt zich door fantasiespel en dagdromen.
• Emotioneel gebied. Dit kenmerkt zich door extreme en complexe emoties en intense gevoelens.
• Psychomotorisch gebied. Dit kenmerkt zich door vurig enthousiasme en intense fysieke activiteit. Als ze        emotioneel gespannen zijn, kunnen ze erg druk gaan praten of dwangmatig handelen.
• Zintuiglijk gebied. Dit kenmerkt zich door een extreme gevoeligheid van de zintuigen.

Dit gedrag kan tot verkeerde diagnoses leiden. Het gedrag behorend bij hoogbegaafdheid wordt dan verward met een stoornis. Intellectuele en psychomotorische overprikkelbaarheid kan leiden tot de misdiagnoses ADD/ADHD. Een veelvoorkomende misdiagnose bij hoogbegaafden is autisme.

 

Onderpresteren
Als hoogbegaafde leerlingen structureel te weinig uitdaging krijgen, kunnen ze gaan onderpresteren. Het is van groot belang om dit tijdig te signaleren en te voorkomen.


Sociaal-emotioneel
Wat betreft de sociaal-emotionele ontwikkeling van hoogbegaafden zijn er veel misverstanden. Veel leerkrachten vinden hun hoogbegaafde leerling niet erg sociaal. Er kan inderdaad sprake zijn van moeizame communicatie met klasgenoten, maar dat wil niet per definitie zeggen dat de hoogbegaafde achterloopt. Onderzoek wijst uit dat kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong ook op sociaal gebied veelal voorlopen en dat daardoor communicatiemisverstanden kunnen ontstaan. Ze hoeven in principe niet vaker sociale en emotionele problemen te hebben dan andere kinderen, mits er rekening wordt gehouden met hun mogelijkheden.

 

Zes profielen van hoogbegaafde leerlingen
Niet alle hoogbegaafden vertonen dezelfde kenmerken. George T. Betts and Maureen Neihart onderscheiden zes verschillende soorten profielen. Van elk profiel enkele kenmerken:


1. De aangepast succesvolle leerling. Deze leerling behaalt goede prestaties. Hij is perfectionistisch ingesteld       en vermijdt risico.
2. De uitdagend creatieve leerling. Deze leerling stelt regels ter discussie en corrigeert de leerkracht. Hij is           competitief en komt op voor eigen opvattingen. Hij is ook creatief.
3. De onderduikende leerling. Deze leerling ontkent zijn begaafdheid en vermijdt uitdaging. Hij zoekt                   sociale acceptatie en wisselt in vriendschappen.
4. De risico-leerling (eventueel toekomstige drop-out). Deze leerling presteert gemiddeld of minder. Hij               werkt inconsistent en maakt taken niet af.
5. De leerling met leer- en/of gedragsproblemen. Deze leerling verstoort en reageert af. Hij heeft sterk                 uiteenlopende resultaten op onderdelen van een intelligentietest.
6. De zelfsturend autonome leerling. Deze leerling werkt zelfstandig en is sociaal. Hij werkt enthousiast en         heeft weinig bevestiging nodig. Hij neemt risico en is creatief.

 

Compacten en verrijken
Hoogbegaafden hebben veel minder herhaling nodig om tot beheersing van de leerstof te komen dan de gemiddelde leerling. Daarom is het goed om de leerstof voor hen te compacten, om verveling te voorkomen. Compacten is het overslaan van overbodige herhalings- en oefenstof. Bij compacten wordt ongeveer 50 – 75 % van de oefenstof geschrapt, en circa 75 – 100% van de herhalingsstof. Hierdoor komt er dagelijks tijd vrij waarin de hoogbegaafde kan werken aan verrijkingstaken. Bij verrijking gaat het er niet om dat de leerling meer werk krijgt, maar dat hij werk krijgt met meerwaarde.

Verrijking is onder te verdelen in verdieping en verbreding. Verdieping sluit aan op de basisstof en het reguliere curriculum. Verbreding is een uitbreiding van het reguliere curriculum, bijvoorbeeld door een cursus Spaans.